Banvloek
uncommonZipf 2.1
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de banvloek
Substantiv/'bɑnvluk/enkelvoud
banvloekmeervoud
banvloekenbanvloeken
Verb/'bɑnvlukən; 'bɑnvlukə/infinitief
banvloekentegenwoordige tijd
banvloekbanvloektbanvloekenverleden tijd
banvloektebanvloektentegenwoordig deelwoord
banvloekendbanvloekende
Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.
Kostenlos. Kein Passwort.