NEDERLANDS
🇩🇪

    Inspreekt

    uncommonZipf 2.7

    werkwoord

    • inspreken

      Verb/'ɪnsprekən; 'ɪnsprekə/

      infinitief

      inspreken

      tegenwoordige tijd

      spreek ininspreekspreekt ininspreektspreken ininspreken

      verleden tijd

      sprak ininsprakspraken ininspraken

      tegenwoordig deelwoord

      insprekendinsprekende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.