Adjective
Attributive Formen
Als je zegt 'de kakelbonte muur' of 'een kakelbonte jas', gebruik je 'kakelbonte' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Mit bestimmtem Artikel
- de kakelbonte
- "De kakelbonte muur is mooi."
- Mit unbestimmtem Artikel
- een kakelbonte
- "Ik zie een kakelbonte vogel."
- Ohne Artikel
- kakelbont
- "Kakelbont is mijn favoriete kleur."
PrÀdikative Form
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'kakelbont': De muur is kakelbont.
Komparativ
Om te vergelijken gebruik je 'meer kakelbont': De zonnebloemen zijn meer kakelbont dan de rozen.
- Grundform
- kakelbont
- "Deze vlag is kakelbont."
- Mit âdan"
- meer kakelbont
- "Deze vlag is meer kakelbont dan die."
Superlativ
Voor de hoogste graad gebruik je 'de meest kakelbonte': Dat schilderij is de meest kakelbonte van allemaal.
- Attributiv
- de meest kakelbonte
- "Dit is de meest kakelbonte kamer."
- PrÀdikativ
- de meest kakelbont
- "Dat schilderij is de meest kakelbont."
Wichtige Hinweise
- usage:Kakelbont is een specifiek woord voor een veelkleurig patroon.
- spelling:Kakelbont is een samengesteld woord en wordt niet verbogen in de meer gebruikelijke betekenis.
Dieses Wörterbuch ist KI-generiert â das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.