Lauweren
uncommonZipf 2.6
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de lauwer
Substantiv/'lɔuwər/enkelvoud
lauwermeervoud
lauwerenlauweren
Verb/'lɔuwərən; 'lɔuwərə/infinitief
lauwerentegenwoordige tijd
lauwerlauwertlauwerenverleden tijd
lauwerdelauwerdentegenwoordig deelwoord
lauwerendlauwerende
Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.
Kostenlos. Kein Passwort.