NEDERLANDS
🇩🇪

    Opflikkeren

    uncommonZipf 2.5

    flikkerend opstijgen; opvrolijken; ophoepelen; herstellen

    • opflikkeren

      Verb/'ɔpflɪkərən; 'ɔpflɪkərə/

      flikkerend opstijgen; opvrolijken; ophoepelen

      infinitief

      opflikkeren

      tegenwoordige tijd

      flikker opopflikkerflikkert opopflikkertflikkeren opopflikkeren

      verleden tijd

      flikkerde opopflikkerdeflikkerden opopflikkerden

      tegenwoordig deelwoord

      opflikkerendopflikkerende
    • opflikkeren

      Verb/'ɔpflɪkərən; 'ɔpflɪkərə/

      herstellen

      infinitief

      opflikkeren

      tegenwoordige tijd

      flikker opopflikkerflikkert opopflikkertflikkeren opopflikkeren

      verleden tijd

      flikkerde opopflikkerdeflikkerden opopflikkerden

      tegenwoordig deelwoord

      opflikkerendopflikkerende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.

    Weiterlernen