NEDERLANDS
🇩🇪

    Panikeerde

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • panikeren

      Verb/pani'kerən; pani'kerə/

      infinitief

      panikeren

      tegenwoordige tijd

      panikeerpanikeertpanikeren

      verleden tijd

      panikeerdepanikeerden

      tegenwoordig deelwoord

      panikerendpanikerende

    Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.

    Kostenlos. Kein Passwort.