Uitloop
uncommonZipf 2.2
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de uitloop
Substantiv/'œytlop/enkelvoud
uitloopuitloopjemeervoud
uitlopenuitloopjesuitlopen
Verb/'œytlopən; 'œytlopə/infinitief
uitlopentegenwoordige tijd
loop uituitlooploopt uituitlooptlopen uituitlopenverleden tijd
liep uituitliepliepen uituitliepentegenwoordig deelwoord
uitlopenduitlopende
Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.
Kostenlos. Kein Passwort.