Uitweek
uncommonZipf 2.1
werkwoord; werkwoord
uitweken
Verb/'œytwekən; 'œytwekə/infinitief
uitwekentegenwoordige tijd
week uituitweekweekt uituitweektweken uituitwekenverleden tijd
weekte uituitweekteweekten uituitweektentegenwoordig deelwoord
uitwekenduitwekendeuitwijken
Verb/'œytwɛɪkən; 'œytwɛɪkə/infinitief
uitwijkentegenwoordige tijd
wijk uituitwijkwijkt uituitwijktwijken uituitwijkenverleden tijd
week uituitweekweken uituitwekentegenwoordig deelwoord
uitwijkenduitwijkende
Erstelle ein kostenloses Konto, um den vollständigen Eintrag für dieses Wort zu generieren.
Kostenlos. Kein Passwort.