Auxiliary verb
hebben
onovergankelijk, scheidbaar werkwoord
Het werkwoord 'aanbranden' wordt vaak gebruikt in de context van koken en verwijst naar het per ongeluk laten verbranden van voedsel.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Ik brand de groenten niet graag aan.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren brandde ik de boter aan.
verleden tijd, aantonende wijs
Het is vervelend als het eten aangebrand is.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Brand het vlees niet aan!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.