NEDERLANDS
🇬🇧

Aanstoten

Verb

Auxiliary verb

hebben

onregelmatig (sterk en zwak), overgankelijk en wederkerend

Het werkwoord 'aanstoten' kan zowel letterlijk (twee glazen tegen elkaar tikken) als figuurlijk (iemand aansporen of provoceren) gebruikt worden. In de figuurlijke betekenis heeft het vaak een negatieve connotatie.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Tijdens het feest stootten we onze glazen aan op het bruidspaar.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Als je je glas niet aanstoot, drink je niet mee!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hij heeft zijn collega aangestoten om hem te waarschuwen voor de baas.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Ik stootte me aan zijn onbeleefde opmerking.

    verleden tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.