deCommon Noun

Singular Forms

Het enkelvoud van 'badhanddoek' verwijst naar één handdoek die je gebruikt na het baden of douchen.

Definite (de/het)
de badhanddoek
"De badhanddoek is droog."
Indefinite (een)
een badhanddoek
"Ik heb een badhanddoek gekocht."
Without Article
badhanddoek
"Badhanddoek ligt op de groene stoel."

Plural Forms

Het meervoud zijn meerdere badhanddoeken, bijvoorbeeld voor een gezin.

Definite (de)
de badhanddoeken
"De badhanddoeken zijn zeer zacht."
Without Article
badhanddoeken
"Ik heb een paar badhanddoeken nodig."

Diminutive Form

badhanddoekje
"Het badhanddoekje is voor de baby."

Diminutief kan schattigheid of een kleinere versie betekenen.

informal

Common Compounds

  • badhanddoekenrek

    "Het badhanddoekenrek is vol."

    rek voor het ophangen van badhanddoeken

  • badhanddoekhouder

    "De badhanddoekhouder is handig."

    houder voor het bewaren van badhanddoeken

Common Word Combinations

  • natte badhanddoek

    "De natte badhanddoek hangt over de rail."

    Uitdrukking om aan te geven dat de handdoek nat is door gebruik.

  • schone badhanddoek

    "Gebruik altijd een schone badhanddoek na het douchen."

    Verwijst naar de noodzaak van hygiëne.

Important Notes

  • countability:'Badhanddoek' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • register:Het woord is neutraal en kan in zowel formele als informele contexten worden gebruikt.

This dictionary is AI-generated — the only complete Dutch learner's dictionary of its kind. I'm currently updating to the latest AI models, so you may spot the occasional mistake. If something looks off, trust your instincts.