Attributive forms
Als je 'bar' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, verandert het vaak in 'barre'. Bijvoorbeeld: 'de barre kou' of 'een barre wind'. In sommige vaste uitdrukkingen, zoals 'bar weer', gebruik je gewoon 'bar'.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'bar'. Bijvoorbeeld: 'Het is bar koud' of 'Het wordt bar koud'.
Comparative
Om te zeggen dat iets 'bar' is in vergelijking met iets anders, gebruik je 'barder'. Bijvoorbeeld: 'Het is barder koud dan gisteren'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'bardere': 'een bardere kou'.
- Base form
- With "dan"
Superlative
De overtreffende trap van 'bar' is 'barst' of 'barste'. Na 'het is' gebruik je 'barst': 'Het is barst koud'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'barste': 'de barste kou'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- irregular:'Bar' heeft onregelmatige vormen in de vergrotende en overtreffende trap. De vormen 'barrer' en 'barrere' worden soms ook gebruikt, maar zijn minder gangbaar.
- usage:'Bar' wordt vooral gebruikt om extreme kou of moeilijke omstandigheden te beschrijven. Het is een wat ouderwets of literair woord.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.