(Over personen, plaatsen of dingen die een grote bekendheid hebben)
Die zanger is heel beroemd in Nederland.
Amsterdam is beroemd om zijn grachten.
Vincent van Gogh is wereldwijd beroemd.
Die actrice werd beroemd door haar eerste film.
De beroemde schrijver geeft morgen een lezing in de bibliotheek.
Dit is het beroemdste schilderij van het museum.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.