Auxiliary verb
hebben
onregelmatig werkwoord, overgankelijk
Het werkwoord 'binden' kan zowel letterlijk (fysiek vastmaken) als figuurlijk (emotioneel of juridisch verbinden) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik bind de touwen stevig vast.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij bond gisteren een strik om het cadeau.
verleden tijd, aantonende wijs
Zij heeft de boeken zelf gebonden.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Bind die doos goed dicht!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.