NEDERLANDS
🇬🇧

Braaf

AdjectiveA2

Attributive forms

Als je 'braaf' voor een zelfstandig naamwoord zet, verandert het soms. Bij 'de'-woorden gebruik je 'brave' (de brave hond). Bij 'het'-woorden en na 'een' gebruik je meestal 'braaf' (een braaf kind). 'Braafs' hoor je bijna nooit meer.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'braaf'. Je zegt dus niet 'hij is brave', maar 'hij is braaf'.

Comparative

Als je wilt zeggen dat iemand of iets *meer* braaf is, gebruik je 'braver'. Bijvoorbeeld: 'Mijn broer is braver dan ik.' Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'bravere' (een bravere hond).

Base form
With "dan"

Superlative

Als je wilt zeggen dat iemand of iets *het meest* braaf is, gebruik je 'braafst' of 'braafste'. Na 'zijn' of 'worden' gebruik je 'braafst' (hij is het braafst). Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'braafste' (de braafste leerling).

Attributive
Predicative

Important notes

  • usage:'Braafs' wordt weinig gebruikt en klinkt wat ouderwets. Meestal gebruik je 'braaf' ook bij onzijdige woorden in het enkelvoud (een braaf kind).
  • spelling:In de vergrotende en overtreffende trap verandert de 'f' soms in een 'v' voor de uitspraak (braver, braafste).

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.