🇬🇧

Bussen

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)

Het werkwoord 'bussen' betekent het nemen van de bus als vervoermiddel. Het is een informeel en veelgebruikt woord in alledaagse gesprekken.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • jij / je

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • jullie

Examples

  • Ik bus elke ochtend naar mijn werk omdat het goedkoper is dan de trein.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren heb ik gebust in plaats van gefietst omdat het regende.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als je naar het centrum wilt, kun je het beste bussen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.