NEDERLANDS
🇬🇧

Dalen

Verb

Auxiliary verb

zijn of hebben

onovergankelijk werkwoord (kan niet direct een lijdend voorwerp hebben)

Het werkwoord 'dalen' wordt vaak gebruikt om een fysieke beweging naar beneden aan te geven, zoals afdalen van een trap, berg of daling van temperatuur, prijzen of niveaus. Het kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld bij het dalen van spanning of populariteit.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Tegenwoordig deelwoord

Voltooid deelwoord

Examples

  • De temperatuur **daalt** snel als de zon ondergaat.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren **daalde** het waterpeil in de rivier met een meter.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ik ben van de ladder **gedaald** om een pauze te nemen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • **Dalend** van de heuvel, voelde ik de wind in mijn gezicht.

    tegenwoordig deelwoord, onbepaalde wijs

  • Men hoopt dat de spanning in de regio snel **dale**.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.