Enkel
deCommon Nounhet deel van het lichaam tussen de voet en het onderbeen
(de enkel draait of verstuikt)
Hij heeft zijn enkel verzwikt tijdens het voetballen.
Je moet voorzichtig zijn met je enkels bij het hardlopen.
- Simple
een enkelvoudige of enkele hoeveelheid
(we hebben maar een enkel item nodig)
Je hoeft maar een enkel voorbeeld te geven.
Er is slechts een enkel probleem dat opgelost moet worden.
- Simple
De hoeveelheid bloemen in de vaas is perfect.
- Present Tense
Ik heb een grote hoeveelheid fruit gekocht.
- Interrogative
Hoeveelheid eten heb je in de koelkast?
- Synonym
Er is een beperkte hoeveelheid tijd om het project af te krijgen.
- Compound
De hoeveelheid bloemen is groot, maar de prijs is redelijk.
- Past Tense
Gisteren had ik een kleine hoeveelheid tijd om te studeren.
- Declarative
Er is een grote hoeveelheid informatie beschikbaar.
- Imperative
Geef een beperkte hoeveelheid suiker aan de koffie!
- Context & Scenario
We hebben een aantal vrienden uitgenodigd voor een enkele hoeveelheid wijn.
- Idiomatic
Hij heeft zich in een enkele hoeveelheid tijd heel goed voorbereid.
- Complex
De hoeveelheid water die je moet drinken, hangt af van je activiteitenniveau.
- Future Tense
Morgen zal ik een enkele hoeveelheid geld besparen voor mijn reis.
- Context & Scenario
Ik heb een kleine hoeveelheid suiker nodig voor het recept.
- Context & Scenario
De leraar vroeg de leerlingen om een enkele hoeveelheid bewijs te presenteren.
- Related Word
De monteur gebruikte een heel kleine hoeveelheid olie voor het onderhoud.
diminutief van enkel; een klein exemplaar van hetgeen genoemd wordt
(de enkeltjes zijn erg schattig en klein)
De enkeltjes van de schoenen zijn erg leuk voor kinderen.
Ze kocht enkele enkeltjes voor de poppen in de winkel.
- Complex
Als je een diminutief gebruikt, klinkt het vaak schattiger en speelser dan het origineel.
- Present Tense
Ik gebruik vaak het diminutief als ik met kinderen praat.
- Declarative
Het diminutief van 'boek' is een leuk voorbeeld van de Nederlandse taal.
- Context & Scenario
In de winkel zag ik een schattig klein zakje, dat was het diminutief van een tas.
- Compound
De kinderen vinden de diminutieven van hun speelgoed leuk, maar ze willen ook grotere versies hebben.
- Future Tense
Morgen zal ik het diminutief van 'stoel' moeten leren voor de les.
- Imperative
Probeer het diminutief van elke vrucht in de klas te noemen!
- Simple
Het diminutief van het woord 'boom' is 'boompje'.
- Past Tense
Gisteren hoorde ik iemand het diminutief voor 'kat' gebruiken.
- Interrogative
Is het diminutief van 'huis' hetzelfde als 'huisje'?