Fileren
Auxiliary verb
hebben
regelmatig werkwoord
Het woord 'fileren' wordt voornamelijk gebruikt in de context van koken.
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie
Verleden tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie
Voltooid deelwoord
Aanvoegende wijs
Gebiedende wijs
Examples
Ik wil leren fileren.
infinitief, neutral
De kok is filerend vis aan het bereiden.
tegenwoordige deelwoord, neutral
Ik fileer de vis zelf.
tegenwoordige tijd, neutral
Ik fileerde de vis gisteren.
verleden tijd, neutral
De vis is gefileerd door de chef.
voltooid deelwoord, neutral
Als jij het goed vindt, filere ik de vis.
aanvoegende wijs, neutral
Fileer de vis voor het avondeten!
gebiedende wijs, neutral
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.