Auxiliary verb
hebben
onovergankelijk, informeel, vaak gebruikt om aan te geven dat iemand onzin praat of grapjes maakt
Dit werkwoord wordt meestal gebruikt in informele contexten en heeft een negatieve connotatie, omdat het aangeeft dat iemand onzin vertelt of niet serieus is.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Hij flauwekult vaak als hij nerveus is.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren flauwekulde hij de hele avond tijdens het feest.
verleden tijd, aantonende wijs
Flauwekul niet zo tijdens de les!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hij heeft de hele vergadering geflauwekuld.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.