Auxiliary verb
hebben
onovergankelijk, regelmatig in de tegenwoordige tijd, onregelmatig in de verleden tijd
Het werkwoord 'genieten' drukt plezier of tevredenheid uit over een ervaring of situatie.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik geniet elke ochtend van mijn koffie.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij hebben van het concert genoten.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Geniet van je vakantie!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Zij genoot van de rust in de bergen.
verleden tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.