Auxiliary verb
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'hameren' betekent het herhaaldelijk slaan met een hamer, vaak om iets vast te maken of te bewerken. Het kan zowel letterlijk als figuurlijk gebruikt worden (bijv. 'hameren op een punt' betekent aandringen).
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Ik hamer de plank vast voordat de verf droog is.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft gisteren urenlang gehamerd aan zijn nieuwe kast.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als je niet oplet, hamert hij je vinger!
tegenwoordige tijd, voorwaardelijke wijs
Hamer jij de spijkers even recht?
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.