NEDERLANDS
🇬🇧

Handelen

VerbB1

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'handelen' kan zowel letterlijk (bijv. 'handelen in goederen') als figuurlijk (bijv. 'handelen naar eer en geweten') gebruikt worden. Het drukt vaak een actie uit die te maken heeft met beslissingen nemen, zaken doen of reageren op situaties.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik handel altijd volgens de regels van het bedrijf.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft snel gehandeld toen hij het ongeluk zag.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Handel alsjeblieft voorzichtig met deze informatie.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Als je verstandig handelt, voorkom je veel problemen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij handelde namens de directeur tijdens de vergadering.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Hoewel hij voorzichtig handele, ging er toch iets mis.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.