NEDERLANDS
🇬🇧

Heus

Adjective

Attributive forms

Als je 'heus' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'heuse'. Bijvoorbeeld: 'een heuse held' of 'de heuse koning'. Het betekent dan dat iets echt of oprecht is.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'heus'. Bijvoorbeeld: 'Dat is heus niet waar.' Het betekent dan dat iets echt waar is.

Comparative

Als je wilt zeggen dat iets meer 'heus' is dan iets anders, gebruik je 'heuser'. Bijvoorbeeld: 'Dit is een heuser probleem dan dat van gisteren.'

Base form
With "dan"

Superlative

Voor de overtreffende trap gebruik je 'heust' na 'het' of zonder lidwoord, en 'heuste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat. Bijvoorbeeld: 'Dit is het heust wat ik weet' of 'de heuste vriend'.

Attributive
Predicative

Important notes

  • usage:'Heus' wordt vooral gebruikt in formele of beleefde contexten. Het betekent 'echt' of 'oprecht'.
  • spelling:In de overtreffende trap wordt 'heust' gebruikt na 'het' of zonder lidwoord, en 'heuste' voor de attributieve vorm.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.