NEDERLANDS
🇬🇧

Inleveren

Verb

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)

Het werkwoord 'inleveren' wordt vaak gebruikt in contexten van het indienen van documenten, opdrachten of voorwerpen bij een autoriteit of instantie, zoals op school of op het werk.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik moet mijn belastingaangifte volgende week inleveren.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je je sleutels al ingeleverd?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De studenten leverden hun opdrachten gisteren in.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Lever dit formulier zo snel mogelijk in!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.