Singular forms
'Jaargetijde' wordt meestal in het enkelvoud gebruikt als je over één specifiek seizoen praat, zoals 'de lente' of 'de zomer'. Het woord zelf betekent 'seizoen'.
- Definite (de/het)
- Indefinite (een)
- Without article
Plural forms
In het meervoud, 'jaargetijden', praat je over meerdere seizoenen of alle seizoenen samen.
- Definite (de)
- Without article
Diminutive form
Het diminutief 'jaargetijdje' wordt zelden gebruikt en klinkt erg informeel of poëtisch. Het kan een gevoel van tederheid of vertedering uitdrukken.
informeel/poëtisch
Common compounds
lentejaar
een jaar dat speciaal is vanwege de lente (minder gebruikelijk)
zomerseizoen
het seizoen van de zomer
herfstkleuren
de typische kleuren van de herfst
wintertijd
de periode van de winter, ook gebruikt voor de tijdsverandering in de winter
Common word combinations
vier
'Jaargetijde' wordt vaak gecombineerd met 'vier' omdat er vier jaargetijden zijn: lente, zomer, herfst en winter.
wisselen
'Wisselen' wordt gebruikt om aan te geven dat de jaargetijden elkaar opvolgen.
kenmerkend
'Kenmerkend' wordt gebruikt om de unieke eigenschappen van elk jaargetijde te beschrijven.
verandering
'Verandering' benadrukt de overgang van het ene jaargetijde naar het andere.
Important notes
- usage:'Jaargetijde' wordt vaak vervangen door de specifieke namen van de seizoenen (lente, zomer, herfst, winter) in dagelijks taalgebruik.
- countability:'Jaargetijde' is telbaar. Je kunt spreken over 'één jaargetijde' of 'vier jaargetijden'.
Keep learning
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.