(Praten over ziek zijn of het lichaam)
Ik heb een zere keel en kan bijna niet slikken.
De dokter keek met een lampje in mijn keel.
Mijn keel doet pijn sinds gisteren.
Het stukje brood schoot in de verkeerde keel en ik moest hoesten.
De arts heeft in mijn keel gekeken en een ontsteking gevonden.
(Hard zingen of schreeuwen)
De supporters zongen uit volle keel mee met het clublied.
Hij heeft zich de keel schor geschreeuwd tijdens de wedstrijd.
De kinderen zongen uit volle keel op het schoolplein.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.