NEDERLANDS
🇬🇧

Knoppen

Verb

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'knoppen' wordt voornamelijk gebruikt in de context van kleding, met name het dichtdoen van knopen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • Ik knop mijn jas altijd dicht als het regent.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren knopte zij haar bloes netjes voor het feest.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Heb je je vest al geknopt?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Knop je jas dicht!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.