Lawaai
lawaaien
Verbto make noise
- veel en hard geluid makenDe buurkinderen lawaaien altijd als ze thuiskomen uit school.
hetlawaai
Common nounnoise
- hard en vaak vervelend geluidHet lawaai van de bouwplaats houdt mij wakker.
- drukte of ophef rond iets onbelangrijksDe pers heeft veel lawaai gemaakt over het schandaal.