Auxiliary verb
hebben
onovergankelijk werkwoord
Dit werkwoord beschrijft vaak geluiden die als storend of luidruchtig worden ervaren.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
De buren lawaaien elke nacht, dus ik kan niet slapen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Toen ik klein was, lawaaide ik vaak met mijn speelgoed.
verleden tijd, aantonende wijs
Als je niet ophoudt met lawaaien, moet je naar je kamer.
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hopelijk lawaaien de kinderen niet tijdens de voorstelling.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Keep learning
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.