🇬🇧

Lessen

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'lessen' betekent het grondig wassen of schoonmaken van iets, vaak handen, om hygiëne te waarborgen. Het wordt veel gebruikt in medische of hygiënische contexten.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • u, jullie

Examples

  • Ik les mijn handen altijd na het werken in de tuin.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je je handen al gelest?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De verpleegkundige leste haar handen voordat ze de wond verzorgde.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Lessend haar handen, liep ze naar de operatiekamer.

    tegenwoordig deelwoord, onvoltooid tegenwoordig deelwoord

  • Het is belangrijk dat iedereen zijn handen lesse voor het eten.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.