NEDERLANDS
🇬🇧

Martelen

Verb

Auxiliary verb

hebben

zwak werkwoord (regelmatig)

Het werkwoord 'martelen' heeft een sterke negatieve connotatie en wordt vaak geassocieerd met fysiek of psychisch lijden toebrengen. Het kan ook figuurlijk gebruikt worden om extreme emotionele pijn te beschrijven.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • De soldaten martelden de gevangenen om informatie te krijgen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Het is onmenselijk om iemand te martelen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft zich jarenlang gemarteld met spijt.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Martel jezelf niet langer met die gedachten!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Het is belangrijk dat niemand gemarteld wordt.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.