(wanneer iemand je uitnodigt om samen op pad te gaan)
Ga je mee naar de bioscoop vanavond?
Mijn broer ging mee naar het concert in Amsterdam.
Ik ga mee.
Zij gaat vandaag mee naar de markt.
We gingen vorige week mee met de bus naar Brussel.
Hij is gisteren meegegaan naar het verjaardagsfeest.
Wil je meegaan om koffie te drinken?
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(in een discussie of vergadering instemmen met iets)
Ik ga mee in jouw voorstel, dat lijkt me een goed plan.
Niet iedereen ging mee met de nieuwe regels van de baas.
De collega's gingen uiteindelijk mee met de nieuwe aanpak.
(over hoelang een product of voorwerp houdbaar blijft)
Deze jas gaat al tien jaar mee en ziet er nog goed uit.
Goede leren schoenen gaan veel langer mee dan goedkope.
Kwaliteitsspullen gaan vaak jarenlang mee.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.