(praten over eigenschappen, gedrag of het lichaam van mensen)
Het menselijk lichaam heeft ongeveer 206 botten.
Fouten maken is heel menselijk.
Elk mens heeft een menselijk brein.
De menselijke geschiedenis gaat duizenden jaren terug.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(zeggen dat iemand of een organisatie anderen goed behandelt)
De nieuwe baas is veel menselijker dan de vorige.
We moeten vluchtelingen op een menselijke manier opvangen.
Zij behandelt haar werknemers heel menselijk.
Het bedrijf probeert een menselijker beleid te voeren.
(praten over grenzen van kracht, geduld of mogelijkheden)
Het is menselijk om soms moe te zijn na een lange dag.
Niemand kan dat in één uur doen, dat is niet menselijk mogelijk.
Een beetje twijfel is menselijk.
Dat probleem is nauwelijks menselijkerwijs op te lossen.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.