NEDERLANDS
🇬🇧

Middeleeuws

Adjective

Attributive forms

Als je 'middeleeuws' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'middeleeuwse'. Bijvoorbeeld: 'een middeleeuwse stad' of 'de middeleeuwse kunst'. Dit geldt voor zowel de- als het-woorden. Bij een onbepaald zelfstandig naamwoord zonder lidwoord gebruik je 'middeleeuws': 'middeleeuws eten'.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'middeleeuws'. Bijvoorbeeld: 'Dit boek is middeleeuws' of 'De stijl wordt middeleeuws'. Je voegt nooit een -e toe in deze vorm.

Comparative

Om te zeggen dat iets meer middeleeuws is dan iets anders, gebruik je 'middeleeuwser'. Bijvoorbeeld: 'Dit schilderij is middeleeuwser dan dat schilderij'. Je kunt ook 'meer middeleeuws' zeggen, maar 'middeleeuwser' is gebruikelijker.

Base form
With "dan"

Superlative

Voor de overtreffende trap gebruik je 'middeleeuwst' als het na het werkwoord komt: 'Dit is het middeleeuwst gebouw'. Als het vóór het zelfstandig naamwoord komt, gebruik je 'middeleeuwste': 'de middeleeuwste kathedraal'.

Attributive
Predicative

Important notes

  • spelling:Bij de stellende trap krijgt 'middeleeuws' een -e in de attributieve vorm (middeleeuwse), maar niet in de predicatieve vorm.
  • irregular:De vergrotende trap is onregelmatig: 'middeleeuwser' in plaats van 'meer middeleeuws'.
  • usage:'Middeleeuws' wordt vaak gebruikt om dingen uit de Middeleeuwen (ongeveer 500-1500 na Christus) te beschrijven.

Keep learning

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.