NEDERLANDS
🇬🇧

Noden

Verb

Auxiliary verb

hebben

zwak werkwoord met onregelmatige derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd

Het werkwoord 'noden' betekent 'uitnodigen' en wordt vaak gebruikt in formele of beleefde contexten.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • u

Examples

  • Ik nod mijn buren elk jaar uit voor het buurtfeest.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je al je vrienden genood voor je verjaardag?

    voltooide tijd, aantonende wijs

  • Als je iemand node, wees dan duidelijk over de tijd en plaats.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

  • Nood je familie voor het avondeten!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.