Auxiliary verb
hebben
overgankelijk werkwoord
Het werkwoord 'omtrekken' wordt vaak gebruikt in contexten van tekenen, schetsen of markeren van grenzen of contouren.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
jij / je
u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Ik trek de cirkel om met een rode stift.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft de figuur omgetrokken voordat hij begon met schilderen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Trek de lijn om zodat iedereen het kan zien!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Wij omtrokken het gebouw op de plattegrond.
verleden tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.