Auxiliary verb
hebben
overgankelijk werkwoord (heeft een lijdend voorwerp nodig)
Het werkwoord 'ondervragen' wordt vaak gebruikt in formele of juridische contexten, zoals politieverhoren of onderzoeken. Het impliceert een systematische en vaak grondige vraagstelling.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
De rechercheur **ondervraagt** de verdachte over de inbraak.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren **ondervroeg** de politie alle getuigen van het ongeluk.
verleden tijd, aantonende wijs
De officier heeft de soldaat al **ondervraagd** over zijn missie.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
**Ondervraag** de getuige voordat hij vertrekt!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel **hij de verdachte ondervrage**, blijft de waarheid onduidelijk.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.