Attributive forms
Als je 'ongepast' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert de vorm. Voor 'de'-woorden gebruik je 'ongepaste' (bijv. 'de ongepaste opmerking'). Voor 'het'-woorden zonder lidwoord gebruik je 'ongepast' (bijv. 'ongepast gedrag').
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'ongepast'. Bijvoorbeeld: 'Dat is ongepast'. Je hoeft de vorm dan niet aan te passen.
Comparative
Om te zeggen dat iets ongepaster is dan iets anders, gebruik je 'ongepaster'. Bijvoorbeeld: 'Zijn grap was ongepaster dan die van haar'. Je kunt ook 'ongepaster dan' gebruiken om een vergelijking te maken.
- Base form
- With "dan"
Superlative
De overtreffende trap van 'ongepast' is 'meest ongepast'. Bijvoorbeeld: 'Dat was het meest ongepaste wat hij had kunnen zeggen'. De vorm 'ongepastst' wordt bijna nooit gebruikt in het dagelijks Nederlands.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- irregular:De overtreffende trap 'ongepastst' wordt bijna nooit gebruikt. In plaats daarvan gebruik je 'meest ongepast'.
- usage:'Ongepast' wordt vaak gebruikt om gedrag of opmerkingen te beschrijven die niet passen bij de situatie. Het is een formeel woord.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.