Attributive forms
Als je 'onzeker' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, voeg je meestal een -e toe. Bijvoorbeeld: 'de onzekere vrouw' of 'een onzekere beslissing'. Als het zelfstandig naamwoord geen lidwoord heeft, gebruik je soms 'onzeker' zonder -e, zoals in 'iets onzeker'.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'onzeker' zonder -e. Bijvoorbeeld: 'Hij is onzeker' of 'Het wordt onzeker'.
Comparative
Om te zeggen dat iets of iemand meer onzeker is, gebruik je 'onzekerder'. Bijvoorbeeld: 'Zij is onzekerder dan haar zus'. Je kunt ook 'dan' toevoegen om een vergelijking te maken: 'Hij is onzekerder dan gisteren'.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Voor de overtreffende trap gebruik je 'onzekerst' als het na een werkwoord staat, zoals in 'Zij is het onzekerst'. Als het voor een zelfstandig naamwoord staat, gebruik je 'onzekerste', zoals in 'de onzekerste kandidaat'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- usage:'Onzeker' kan zowel over mensen als situaties gaan. Bijvoorbeeld: 'De toekomst is onzeker' of 'Zij is onzeker over haar examen'.
- spelling:Let op: in de stellende trap krijgt 'onzeker' een -e in attributieve positie (onzekere), maar niet in predicatieve positie (onzeker).
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.