NEDERLANDS
🇬🇧

Openbreken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onregelmatig scheidbaar werkwoord

Het werkwoord 'openbreken' wordt vaak gebruikt in contexten waarin iets met geweld of moeite geopend wordt, zoals sloten, deuren of verpakkingen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

  • ik

  • jij / je

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • De politie heeft de deur opengebroken om binnen te komen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als je de sleutel vergeet, moet je de deur openbreken.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij brak het slot open omdat het kapot was.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Breek die doos open, we willen weten wat erin zit!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.