Auxiliary verb
hebben
Scheidbaar werkwoord, regelmatig (met uitzondering van de scheidbaarheid).
Het werkwoord 'oprapen' betekent iets van de grond of een oppervlak pakken. Het kan zowel letterlijk als figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld bij het oppakken van een gewoonte of taak.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
jij / je
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
Gebiedende wijs
Examples
Ik raap elke ochtend de krant van de deurmat op.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je de sleutels al opgeraapt?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Raap je speelgoed op voordat je gaat eten!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Zij raapte haar moed bij elkaar en sprak de menigte toe.
verleden tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.