NEDERLANDS
🇬🇧

Oppakken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

scheidbaar werkwoord, regelmatig (met uitzondering van de verleden tijd en voltooid deelwoord)

'Oppakken' kan zowel letterlijk (iets fysieks oppakken) als figuurlijk (een taak of gewoonte oppakken) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik pak mijn telefoon op als hij overgaat.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft zijn studie weer opgepakt na een jaar reizen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Pak je tas op en kom mee!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij pakte de draad van haar oude hobby weer op.

    verleden tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.