Attributive forms
Als je 'ouderwets' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het vaak naar 'ouderwetse'. Bijvoorbeeld: 'de ouderwetse stoel' of 'een ouderwetse lamp'. Als het zelfstandig naamwoord geen lidwoord heeft, gebruik je 'ouderwets': 'ouderwets meubilair'.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'ouderwets'. Bijvoorbeeld: 'Deze stijl is ouderwets' of 'Het wordt ouderwets'.
Comparative
Om te zeggen dat iets meer ouderwets is dan iets anders, gebruik je 'ouderwetser'. Bijvoorbeeld: 'Deze radio is ouderwetser dan die nieuwe'. Je kunt ook 'ouderwetsere' gebruiken, maar dat is minder gebruikelijk.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Om te zeggen dat iets het meest ouderwets is, gebruik je 'ouderwetste' voor een zelfstandig naamwoord (bijvoorbeeld: 'de ouderwetste televisie') en 'ouderwetst' na 'zijn' (bijvoorbeeld: 'Dit is het ouderwetst').
- Attributive
- Predicative
Important notes
- spelling:Bij de vergrotende trap kun je zowel 'ouderwetser' als 'ouderwetsere' gebruiken, afhankelijk van de context. 'Ouderwetser' is gebruikelijker.
- usage:'Ouderwets' kan zowel letterlijk (bijvoorbeeld oude spullen) als figuurlijk (bijvoorbeeld oude ideeën) gebruikt worden.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.