Overlaten
A2commonZipf 3.6
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de overlaat
Common noun/'ovərlat/enkelvoud
overlaatmeervoud
overlatenoverlaten
Verb/'ovərlatən; 'ovərlatə/infinitief
overlatentegenwoordige tijd
laat overoverlaatlaten overoverlatenverleden tijd
liet overoverlietlieten overoverlietentegenwoordig deelwoord
overlatendoverlatende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.