Overvallen
Auxiliary verb
hebben
onregelmatig werkwoord, scheidbaar (in de betekenis 'struikelen')
'Overvallen' betekent zowel 'plotseling aanvallen' (bijv. een bank overvallen) als 'struikelen over iets' (bijv. over een steen vallen). In de eerste betekenis is het niet scheidbaar, in de tweede betekenis wel.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
De politie waarschuwt dat er de laatste tijd veel winkels worden overvallen.
tegenwoordige tijd (passief), aantonende wijs
Ik ben gisteren overvallen toen ik naar huis liep.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Val niet over die losse stoeptegel!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij niet oppast, valt hij nog eens over zijn eigen voeten.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.