NEDERLANDS
🇬🇧

Polsen

VerbB1

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'polsen' betekent informeel of discreet informatie inwinnen, vaak over meningen, gevoelens of intenties. Het wordt veel gebruikt in sociale of professionele contexten.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik pols altijd eerst of iedereen mee wil eten voordat ik kook.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft al gepolst of we zin hebben in een feestje.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Pols jij even of de winkel nog open is?

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Het is verstandig dat je eerst polst voordat je een beslissing neemt.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.