Auxiliary verb
hebben
zwak werkwoord (regelmatig)
Het werkwoord 'poten' betekent letterlijk 'planten in de grond zetten', vaak gebruikt in de context van tuinieren of landbouw.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Ik poot elke lente nieuwe aardappelen in mijn moestuin.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij hebben gisteren alle bloembollen gepoot.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Poot de planten niet te dicht bij elkaar!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij de bomen vandaag pote, kunnen ze voor de winter wortelen.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.