Auxiliary verb
hebben
onovergankelijk werkwoord, regelmatig
Het werkwoord 'profiteren' betekent voordeel halen uit een situatie, kans of mogelijkheid. Het wordt vaak gebruikt in contexten waarin iemand iets positiefs uit een omstandigheid haalt.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik profiteer van de zonnige dagen om in het park te lezen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij heeft geprofiteerd van haar netwerk om een nieuwe baan te vinden.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Profiteer van de korting voordat deze verloopt!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hoewel hij van de situatie profiteerde, bleef hij bescheiden.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.