(Informele spreektaal over saaie personen of dingen)
Mijn neef is echt een saaitje; hij praat alleen over zijn werk.
Dat boek is een saaitje, ik ben halverwege gestopt met lezen.
Hij is een saaitje.
Wat een saaitjes, die buren van ons!
Niemand wil met dat saaitje praten op feestjes.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.